Ondersteuningspakket voor culturele en creatieve sector uitgewerkt

Het kabinet stelde onlangs € 300 miljoen extra beschikbaar voor de culturele sector. Met deze steun moeten culturele instellingen die van vitaal belang zijn voor de sector door de financieel zware eerste maanden van de coronacrisis heen worden geholpen.

Minister Van Engelshoven (Cultuur) heeft de Tweede Kamer nu per brief geïnformeerd over de concrete uitwerking van dit
ondersteuningspakket van € 300 miljoen. Het pakket bestaat uit vijf onderdelen:

  • € 113 miljoen is bestemd voor instellingen die onderdeel zijn van de basisinfrastructuur 2017-2020 en een beperkt aantal instellingen dat uit andere onderdelen van de begroting van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) wordt gefinancierd. Voor de instellingen en festivals die meerjarige subsidie van de zes Rijkscultuurfondsen ontvangen wordt € 40 miljoen beschikbaar gesteld. Hiervan is € 5 miljoen bestemd voor filmproducenten via het Filmfonds;
  • € 50 miljoen is bestemd voor de 'Opengestelde Monumenten-Lening' bij het Nationaal Restauratiefonds. Het betreft krediet voor eigenaren van rijksmonumenten zoals kerken, kastelen en buitenplaatsen, industrieel erfgoed, molens, stadsherstelorganisaties en museale monumenten die inkomsten mislopen vanwege de coronacrisis;
  • € 48,5 miljoen wordt beschikbaar gesteld om gemeenten en provincies te ondersteunen die regionale musea, (pop)podia en filmtheaters extra ondersteunen. Het gaat dan om instellingen met een regionale functie en een landelijk belang. Voor de subsidieregeling voor musea bij het Mondriaan Fonds komt € 16 miljoen beschikbaar en voor de regeling voor (pop)podia bij het Fonds Podiumkunsten is maximaal € 29 miljoen beschikbaar. Voor filmtheaters is via het Filmfonds € 3,5 miljoen beschikbaar;
  • € 30 miljoen gaat naar de Cultuur Opstart Lening. Deze is voor organisaties in de culturele en creatieve sector waarvan het verdienmodel vooral is gericht op eigen inkomsten en die geen gebruik kunnen maken van de andere maatregelen uit dit pakket. De lening is bedoeld voor het ontwikkelen van publieksgerichte producties, programma's, tentoonstellingen of projecten;
  • € 16,8 miljoen wordt geïnvesteerd in de Rijkscultuurfondsen en het Steunfonds Rechtensector, waarmee specifiek makers ondersteund worden.

Specifieke steun voor makers

Van bovenstaande € 16,8 miljoen wordt € 11,8 miljoen geïnvesteerd in de Rijkscultuurfondsen. Zij maakten zelf eerder ruim € 15 miljoen beschikbaar. Dit budget is een aanvulling op de bestaande regelingen en gericht op werk voor makers in alle sectoren. Het budget richt zich op projecten, werk en opdrachten voor makers. Daarnaast is er ruimte voor ondersteuning van instellingen en festivals, veelal het midden- en kleinbedrijf van de cultuur.

De overige € 5 miljoen wordt vrijgemaakt voor het 'Steunfonds Rechtensector', een initiatief van de Federatie Auteursrechtbelangen. Deze federatie draagt zelf ook € 5 miljoen bij, waarmee het totaal op € 10 miljoen komt. Dit fonds is er om professionals in de creatieve industrie te steunen bij het ontwikkelen van (nieuwe) werken (boeken, muziek en films). Het fonds krijgt drie onderdelen: beeld, geschrift en muziek. Duizenden zzp'ers en freelancers, artiesten, musici, componisten, schrijvers, regisseurs, uitvoerende kunstenaars, muziekuitgevers en -producenten moeten er een beroep op kunnen doen. Het fonds wordt op dit moment nader uitgewerkt door de Federatie Auteursrechtbelangen.

Meer informatie

Kijk voor meer informatie op: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2020/05/27/aanvullende-middelen-voor-cultuursector-uitgewerkt